… een burn-out & eetstoornis

eetstoornis christen

Het is juli 2009 en ik kom thuis na een week leiding spelen voor een kerkkamp. Ik ben gesloopt… Nee… meer dan gesloopt. Ik kan alleen nog maar huilen, huilen en nog eens huilen. Ik ben zo ontzettend leeg, het voelt alsof er geen bodem meer is. Geen grond onder m’n voeten… Ik ben op. Ik heb een burn-out & een eetstoornis. Het eerste besefte ik mij op dat moment al; het tweede toen nog niet.

Even helemaal stil gezet…

De eerste weken kon ik letterlijk niks anders dan op m’n studenten kamertje liggen, beetje Friends kijken en vooral heel veel huilen. Ik ga naar Zweden om een vriendin te bezoeken (dat stond al gepland voor die zomervakantie), maar ik loop er als een zombie rond. Ik weet heus wel op dat moment dat het niet goed met mij gaat, maar ergens voel ik mij ook ontzettend opgelucht. Zolang als ik mij kan herinneren doe ik mij beter voor, mooier voor, dan wie ik echt ben. Altijd draait het om de buitenkant, maar de binnenkant laat zich niet langer meer negeren.

Hoe ontstond mijn eetstoornis?

Ik ben opgegroeid in een lastig gezin. Ik wil hier er niet te veel woorden aan wijden, omdat zij er niet voor hebben gekozen dat ik zo nodig publiek wil bloggen. Wat ik wel kan vertellen is hoe het voor mij was en op mij overkwam. Ik kan mij vooral herinneren dat het heel belangrijk was wat andere mensen van ons dachten. Hoe je op de buren overkomt, dat je kleren netjes zijn, dat niemand je hoort ruzie maken, dat je prestaties levert waar je lof op krijgt.

Maar laten we eerlijk zijn: het echte leven is niet zo! In het echte leven zitten er vlekken op je kleren, wordt er af en toe geschreeuwd (lucht op joh!) en maak je fouten. Toch deed ik het op heel veel van die vlakken best goed, want ik was een binnenspeel kind (dus mijn kleding bleef redelijk netjes), ik vermeed ruzie (was eerder de vredesstichter en bemiddelaar tussen iedereen) en kon goed zingen (waar mijn ouders dan veel lof over kregen) in de kerk. Ik was alleen wel altijd een mollig meisje. Niet eens supersize, maar wel altijd dat volle toetje en ronde buikje. Maar zolang ik mij kan herinneren is het een probleem. Er werd gelet op wat ik at of ik mocht iets niet eten “want ik was al dik genoeg”. Ik was 4 toen mij werd gezegd dat ik mijn buik moest inhouden en 8 toen ik werd meegenomen naar een diëtist.

In mijn tienerjaren groeide de eenzaamheid en daarmee de eetbuien. Ik zocht een manier om mijn gevoelens en gedachten te onderdrukken, te dempen. Door te zorgen dat ik in mijn gedachten obsessief bezig was met mijn eten en lichaam hoefde ik niet na te denken over de pijn en verdriet van ons gezin. Het was de perfecte bliksemafleider en ideale manier om ergens wel controle op te kunnen hebben. Uiteindelijk was ik 17 toen ik uit huis ging; veel te jong en veel te heftig. Ik zat nog op de middelbare school (4 Havo) en voelde mij intens alleen. Ik woonde in het begin bij lieve mensen, maar trok mij veel terug. Wat deed ik dan? Eten……

Eetstoornis is controle

Tussen mijn 14e en 19e ontwikkelde ik Boulimia Nervosa. Een eetstoornis die draait om eetbuien en het vervolgens obsessief moeten compenseren hiervan. Ik spuugde, laxeerde, ging overdreven sporten of at dagen niet. Die periodes van veel eten en dat compenseren putte mij uit. Het ‘stomme’ is dat ik nooit heel dun werd dus dat anderen niet aan mij zagen hoe slecht ik er van binnen eigenlijk aan toe was. Daarnaast, als je steviger bent en afvalt krijg je complimenten. De maatschappij vind je een goede dikkerd als je doel afvallen is. Maar als iemand tegen je zegt dat je er goed uitziet met 5 kilo minder op je toet, dan hoorde ik alleen maar dat ik daarvoor inderdaad niet knap of eigenlijk de moeite waard was.

Een eetstoornis was voor mij een manier om mijn gevoelens te onderdrukken en controle te krijgen. Controle is waar het in feite om draaide in een leven waar ik gevoelsmatig totaal geen grip op had. Ik had ook geen controle op ruzies thuis, agressie en emotionele manipulatie.

Een eetstoornis uit zich vaak als er een traumatische situatie is waarin de betreffende persoon geen macht heeft of niet om kan gaan met wat er gebeurt. Het geeft als het ware een uitweg om niet te hoeven omgaan met (de wonden van) het trauma. Ik had dit zelf natuurlijk toen nog niet door. Dat besef kwam pas in 2009 met die burn-out.

“Als je zo doorgaat laat ik je opnemen.”

Die woorden komen heel, heel hard aan! Ze worden gesproken door mijn psycholoog. Na het instorten in de zomer zoek ik hulp. Ik woonde in die tijd dus al zelfstandig op kamers, had weinig contact met mijn ouders en broer en studeerde voor Maatschappelijk Werker. Ik dacht in het begin oprecht dat mijn probleem was dat ik te druk was geweest (zie daar de burn-out) en dat ik een ongezonde relatie met eten had die wel wat hulp kon gebruiken… Over mijn ouders mocht m’n psych het in het begin absoluut niet hebben. Ja wat zij hadden gedaan was niet leuk, maar ik was geen slachtoffer en daarnaast super loyaal naar hen.

Uiteindelijk accepteerde zij dat mijn familie geschiedenis (voorlopig) verboden terrein was en werd de focus op mijn eten gelegd. Ik moest een eetdagboek bij houden… Ik zat precies in mijn uithonger fase en dacht oprecht toen ik aankwam bij therapie dat ik een schouderklopje zou krijgen: ik was tenslotte een goede dikkerd die probeerde af te vallen. Ik kon het niet voorlezen, dan werd ik te emotioneel.

Mijn psycholoog zie ik nog zitten, met het boekje in der handen. Haar gezicht kon je nooit echt goed iets aan aflezen (vet irritant natuurlijk ;-)). Ze keek uiteindelijk op, mij recht aan, ademde rustig in en zei: “Als je zo doorgaat denk ik dat ik je uiteindelijk moet laten opnemen.”

Het was de wake-up call. Het was het begin van erkennen dat er een eetstoornis was, het was het begin van een herstel proces. Een langdurig proces van vallen, heel veel vallen en opstaan.

Waarom vertel ik je dit?

Ik geloof dat het goed is om wat vaker deze verhalen van elkaar te horen. Om ons bewuster te worden dat ieder mens zijn littekens meedraagt. Toen ik het van de week op Instagram benoemde kreeg ik een DM waarin stond: ‘Zijn kracht wordt zichtbaar in onze kwetsbaarheid. Met jouw kwetsbaarheid eer je Zijn naam.” Dat is het doel! Dat is het doel van Her Delight en van mijn leven. Ik vertel dit omdat ik hoop dat die ene chick dit leest die zich precies zo voelt: weet dat je niet alleen bent! Ik deel het omdat ik wil laten zien dat ik niet een trend-gevoelige-body-positivity-influencer ben, maar diep ben gegaan om te leren dat Jezus echt van mij houdt. Ik deel het omdat hoe diep jouw pijn ook gaat er altijd een oplossing is. Misschien is het geen eetstoornis bij jou. Misschien ben je wel depressief? Mishandeld? Burn-out? Iemand verloren?

We krijgen allemaal met pijn te maken en dit is een stukje van mijn pijn geweest. Ik vertel het je, omdat ik juist hier bij Her Delight de tools wil maken om jou een stapje verder te helpen. Dan is het goed om te weten waar ik vandaan kom. Welke stappen ik heb gemaakt… Ik deel het niet om aandacht of medelijden te krijgen. Die jaren zijn gelukkig voorbij. Het is geen onderdeel meer van mijn identiteit, wel van mijn verhaal. Het heeft gemaakt dat ik nu hier kan staan, dit kan doen.

Lees jij dit en struggle jij met pijn? Ga er over praten! Deel het met mij in een privé bericht, praat met iemand die je vertrouwd, ga naar een psycholoog. Zoek hulptroepen! God heeft die met een reden hier op aarde gezet. Ik ben nog steeds zo blij dat ik een christelijke psycholoog heb gevonden. (Kleine Sidenote: zorg dat je met je hulpverlener een klik hebt! Heb je die niet? Benoemen en wegwezen! Anders zit je er echt je tijd te verdoen….) Sommige processen gaan jaren duren, is niet erg! Ik ben nu 10 jaar verder en stronger than ever! Maar dat was ik nu niet geweest als ik toen niet daar was begonnen. Het belangrijkste: God gaat met je mee, elke nieuwe stap. Klinkt zo cliché maar is zo waar! Je bent niet alleen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *